YaraVita Frutrel
De vloeibare formulering maakt het gemakkelijk om het product in de spraytank af te meten, te gieten en te mengen, terwijl het de hoogste voedingswaarde geeft. Het product is speciaal geformuleerd om maximale gewasveiligheid te bieden. Dit helpt ervoor te zorgen dat de toepassing geen schade aan het gewas veroorzaakt die de marktwaarde kan verminderen.
Voordelen van YaraVita Frutrel:
- Sterk geconcentreerd
- Uitgebalanceerd voedingsstofgehalte
- Gecontroleerde deeltjesgrootte geeft een snelle opname en langdurig effect
- In grote mate mengbaar met gewasbeschermingsmiddelen*
*verdere informatie op tankmix.com
Essentiële nutriënten voor de fruitteelt met focus op nutriëntengift voor bloei:
– B: Zorgt voor goede pollenlevensvatbaarheid en sterke bloemzetting en -bevruchting
– Zn: Optimaliseert celdeling bij vruchtzetting en behoudt de “sink-kracht” van jong fruit
– Mg: Sterke vroege groei van nieuwe plantweefsels
– P: Maximaliseert wortelontwikkeling en bloemclusterformatie
– Ca: Voor optimale vruchtkwaliteit
Aanbevolen voor boomgaarden voor de bloei voor een goede knopuitloop, groei en ontwikkeling van bloemknop, bladopkomst en ontwikkeling.
Aardbei (vollegrond): 3–5 l/ha vanaf het begin van de nieuwe bladgroei. Vanaf het begin van de bloei 2 toepassingen van telkens 5 l/ha met een interval van 10–14 dagen. Late toepassingen kunnen residuen achterlaten. Waterhoeveelheid: 200 l/ha.
Appel: 5 l/ha tussen knopbreuk en het begin van de bloei. Na de bloei, vanaf de vruchtzetting, 2–3 toepassingen van telkens 5 l/ha met een interval van 10–14 dagen. Aanvullend 5 l/ha na de oogst, vóór het begin van de bladveroudering. Minimale waterhoeveelheid: 200 l/ha.
Kers: 2 toepassingen van telkens 5 l/ha tussen knopbreuk en het begin van de bloei, met een interval van 10–14 dagen. Vervolgens vanaf de vruchtzetting 2 toepassingen van telkens 5 l/ha met een interval van 10–14 dagen. Aanvullend 5 l/ha na de oogst, vóór het begin van de bladveroudering. Waterhoeveelheid: 500–1.500 l/ha.
Koolgewassen: 3–5 l/ha vanaf het 4- tot 6-bladstadium. Indien nodig herhalen met een interval van 10–14 dagen. Waterhoeveelheid: 200 l/ha.
Peer: 5 l/ha tussen knopbreuk en het begin van de bloei. Na de bloei, vanaf de vruchtzetting, 2–3 toepassingen van telkens 5 l/ha met een interval van 10–14 dagen. Aanvullend 5 l/ha na de oogst, vóór het begin van de bladveroudering. Minimale waterhoeveelheid: 200 l/ha.
Ui: 3–5 l/ha vanaf het 4- tot 6-bladstadium. Indien nodig herhalen met een interval van 10–14 dagen. Waterhoeveelheid: 200 l/ha.
Wijnstok: 3 toepassingen van telkens 3–5 l/ha vanaf het begin van de bloei, met een interval van 10–14 dagen. Niet toepassen wanneer de vruchten groter zijn dan 5 mm. Aanvullend 5 l/ha na de oogst, vóór het begin van de bladveroudering. Minimale waterhoeveelheid: 200 l/ha.
Wortel: 3–5 l/ha vanaf een gewashoogte van 10 cm. Indien nodig herhalen met een interval van 10–14 dagen. Waterhoeveelheid: 200 l/ha.
Aardbei (vollegrond): 3–5 l/ha vanaf het begin van de nieuwe bladgroei. Vanaf het begin van de bloei 2 toepassingen van telkens 5 l/ha met een interval van 10–14 dagen. Late toepassingen kunnen residuen achterlaten. Waterhoeveelheid: 200 l/ha.
Appel: 5 l/ha tussen knopbreuk en het begin van de bloei. Na de bloei, vanaf de vruchtzetting, 2–3 toepassingen van telkens 5 l/ha met een interval van 10–14 dagen. Aanvullend 5 l/ha na de oogst, vóór het begin van de bladveroudering. Minimale waterhoeveelheid: 200 l/ha.
Kers: 2 toepassingen van telkens 5 l/ha tussen knopbreuk en het begin van de bloei, met een interval van 10–14 dagen. Vervolgens vanaf de vruchtzetting 2 toepassingen van telkens 5 l/ha met een interval van 10–14 dagen. Aanvullend 5 l/ha na de oogst, vóór het begin van de bladveroudering. Waterhoeveelheid: 500–1.500 l/ha.
Koolgewassen: 3–5 l/ha vanaf het 4- tot 6-bladstadium. Indien nodig herhalen met een interval van 10–14 dagen. Waterhoeveelheid: 200 l/ha.
Peer: 5 l/ha tussen knopbreuk en het begin van de bloei. Na de bloei, vanaf de vruchtzetting, 2–3 toepassingen van telkens 5 l/ha met een interval van 10–14 dagen. Aanvullend 5 l/ha na de oogst, vóór het begin van de bladveroudering. Minimale waterhoeveelheid: 200 l/ha.
Ui: 3–5 l/ha vanaf het 4- tot 6-bladstadium. Indien nodig herhalen met een interval van 10–14 dagen. Waterhoeveelheid: 200 l/ha.
Wijnstok: 3 toepassingen van telkens 3–5 l/ha vanaf het begin van de bloei, met een interval van 10–14 dagen. Niet toepassen wanneer de vruchten groter zijn dan 5 mm. Aanvullend 5 l/ha na de oogst, vóór het begin van de bladveroudering. Minimale waterhoeveelheid: 200 l/ha.
Wortel: 3–5 l/ha vanaf een gewashoogte van 10 cm. Indien nodig herhalen met een interval van 10–14 dagen. Waterhoeveelheid: 200 l/ha.
Bekijk de flyer voor YaraVita Frutrel